1.
Bron 1: Deutschland, Deutschland über alles, über alles in der Welt. Wenn es stets zu Schutz und Trutze, brüderlich zusammenhält. (Uit het Duitse volkslied.) Vertaling: Duitsland, Duitsland boven alles, boven alles in de wereld. Wanneer het steeds voor bescherming en weerstand broederlijk saamhorig blijft.
Bron 2: ‘De hoogste vorm van religie is om het vaderland nog hartstochtelijker lief te hebben dan wetten en vorsten, vaders en moeders, vrouwen en kinderen.’ (Arndt)
a. Veel mensen denken dat de woorden ‘Deutschland, Deutschland über alles’ uiting geven aan emoties van superioriteit van het Duitse volk of het Germaanse ras boven andere volkeren/rassen. Weerleg die gedachte met behulp van bron 2. (Weerleggen = de onjuistheid aantonen.)
b. Leg het verschil uit tussen patriottisme en nationalisme.
c. De kiem van het nationalisme ligt in de Franse Revolutie. Verdedig die stelling.
d. De Romantiek was de voedingsbodem voor het nationalisme. Leg uit.
[]
a. Met ‘boven alles in de wereld’ wordt bedoeld dat het vaderland (Duitsland) belangrijker is dan alle hartstochten, wensen en belangen van het individu; dat het vaderland op de eerste plaats komt en zelfs boven de vorsten en wetten staat.
b. Patriottisme is liefde voor het vaderland; nationalisme is liefde voor het volk waartoe je behoort.
c. Allereerst: door de Franse Revolutie was het land niet meer van de koning, maar van het volk (de natio!). De republiek Frankrijk werd vervolgens aangevallen door de omringende landen. Aangezien de Franse schatkist praktisch leeg was – en dus onvoldoende troepen (huurlingen) op de been gebracht konden worden – werd een enorm volksleger (!) in het leven geroepen om het vaderland te verdedigen. Voor Fransen gold vanaf toen de dienstplicht. Iedere gezonde man werd geacht te vechten voor zijn land. Destijds spraken de inwoners van een land tal van plaatselijke, voor anderen onverstaanbare dialecten; omwille van het leger werd de Fransen één gemeenschappelijke taal geleerd. De taal zorgt voor een gemeenschapsgevoel, een ‘wij-gevoel’! Het openbaar onderwijs ontstond; op scholen werd die taal onderwezen, net als vaderlandse geschiedenis, om het wij-gevoel te versterken.
d. In de Romantiek (een reactie op het Rationalisme van de 18e eeuw) werd de nadruk gelegd op gevoelsmatige en instinctmatige waarneming en beleving. Nationalisme is een gevoel: het wij-gevoel.

2.
a. Verklaar waarom de Duitse generale staf aan de vooravond van WOI zei: ‘Jetzt oder nie!’ Gebruik daarbij het begrip ‘preventieve oorlog’.
b. Geef vijf oorzaken voor WOI.
c. ‘De Grote Oorlog’ van 1914-18 was van meet af aan een wereldoorlog. Hoe kwam dat?
[]
a. Duitsland moest rekening houden met een westfront door het Franse revanchisme. Ook met een oostfront, want Duitslands bondgenoot Oostenrijk-Hongarije en Rusland stonden als kemphanen tegenover elkaar in het Balkan-conflict. Een tweefrontenoorlog dus. In 1914 was Duitsland nog sterk genoeg om zowel Frankrijk als Rusland te kunnen verslaan, maar deze landen zouden in de toekomst alleen maar sterker worden. Frankrijk had immers een groot koloniaal rijk (grondstoffen en afzetmarkten voor de industrie; veel manschappen voor het leger). Rusland was immens groot en had dus de bestaansmiddelen en ruimte voor een groeiende bevolking. Als Duitsland een oorlog tegen die twee landen wilde winnen, mocht er niet te lang getreuzeld worden: nu of nooit. Een preventieve oorlog omdat de Duitse generale staf wilde voorkomen (preventie) dat de vijand te sterk zou worden.
b. Imperialisme, nationalisme, de wapenwedloop, het Franse revanchisme, het panslavisme op de Balkan.
c. De koloniën van Frankrijk en Engeland, en de dominions van het Britse Gemenebest, vochten mee.



3.
Bron 3: ‘Wat wisten bovendien in 1914, na bijna een halve eeuw van vrede, de grote massa’s nog van de oorlog af? Ze wisten niet wat hij betekende, en hadden daar ook nooit over nagedacht. De oorlog was toen tot een legende geworden, die juist door de afstand een heroïsche en romantische kleur had gekregen. Men zag hem via de leesboekjes op school en de historische schilderijen als een serie oogverblindende cavaleriecharges met prachtige uniformen, waarbij de heldendood zich alleen maar voordeed in de vorm van een schot direct door het hart, en de hele veldtocht neerkwam op een verpletterende mars naar de overwinning. Een wild en mannelijk avontuur, en de jongens waren zelfs eerlijk bang dat zij deze heerlijk opwindende episode zouden verzuimen; daarom meldden ze zich onstuimig aan, en jubelden en zongen in de treinen die hen naar de slachtbank brachten.’ (Stefan Zweig, Die Welt von Gestern)
Bron 4: ‘Haje Westhus wordt met een opengescheurde rug weggesleept; bij iedere ademteug zie je zijn long door de wond heen komen. Ik kan hem nog een hand geven. “Het is uit met me, Paul,” kreunt hij en bijt van pijn in zijn arm. We zien mannen – die nog leven – terwijl hun schedel weggeschoten is; we zien soldaten lopen wier beide voeten afgeschoten zijn; zij strompelen op versplinterde beenstompen naar een dekking; we zien mannen zonder mond, zonder onderkaak, zonder gezicht… De zon gaat onder; de nacht komt weer; de granaten fluiten; de wereld loopt op zijn eind.’ (Erich Maria Remarque, Im Westen nichts Neues)
a. Van cavaleriecharges en prachtige uniformen was al snel geen sprake meer. De Duitse soldaat van WOI werd een ‘Feldgrauer’ genoemd: iemand die in het veldgrijs gekleed is. Dat kwam door twee belangrijke veranderingen/ontwikkelingen in de oorlogvoering. Noem ze.
b. ‘De loopgraven waren de concentratiekampen van de Eerste Wereldoorlog,’ volgens Robert Kee. Denk aan de zinloze aanvallen waarbij honderdduizenden de dood ingejaagd werden en aan het feit dat veel hoofdrolspelers uit WOII in de loopgraven van WOI hadden gestaan. Verklaar nu de uitspraak van Kee.
c. Geef twee redenen/oorzaken voor het aanvankelijke enthousiasme van de soldaten. Eén uit bron 3; één uit de leerstof.
d. Stefan Zweig roept het beeld op van ‘een schot direct door het hart’. Daarmee benadrukt hij het verschil tussen de romantische kijk op de oorlog en de realiteit van het slagveld. Leg uit.
[]
a. De moderne machinegeweren (mitrailleurs) en de moderne kanonnen die vanaf grote afstand zware granaten (geen kanonskogels!) op vijandelijke regimenten konden afvuren, maakten zoveel slachtoffers dat de soldaten geen andere optie hadden dan zich letterlijk in te graven, om zich tegen de mitrailleurkogels en granaatscherven te beschermen. De troepen werden uitgerust met camouflerende kleding (legergroen, veldgrijs), want iedereen die opviel werd onmiddellijk bestookt door de artillerie. Bovendien lagen overal sluipschutters op de loer.
b. Net als in de concentratiekampen/vernietigingskampen, werden de soldaten in deze gruwelijke loopgravenoorlog ‘als vee’ afgeslacht en opgeofferd. Mensenlevens telden niet. De achting voor een mensenleven verdween. De hoofdrolspelers uit de Tweede Wereldoorlog hebben beslissingen genomen (de Endlösung; de terreurbombardementen door de geallieerden) die ervan getuigen dat zij nog altijd bereid waren om miljoenen mensen in het verderf te storten.
c. De dood op het slagveld kwam meestal niet plotseling, zoals door ‘een schot door het hart’. De meeste soldaten stierven een gruwelijke dood: zwaar gewond en verminkt door granaatscherven.



4.
Bron 5: Veldmaarschalk Conrad von Hötzendorf: ‘De ontwikkeling van een Groot-Servische staat betekent voor de monarchie een imminent gevaar, en wel om de volgende redenen. Ten eerste zoeken de Slaven binnen de monarchie – vooral de Zuid-Slaven – hun toevlucht bij deze nieuwe, door Rusland gesteunde staat, waarbij vooral de Serviërs binnen de monarchie zich zullen willen aansluiten. Ten tweede betekent het zelfstandige Servië, in vereniging met Montenegro, een aanmerkelijke militaire macht, die bij alle moeilijkheden waarmee de monarchie te kampen mocht krijgen, de kant van onze vijanden zal kiezen, wat ofwel een aanzienlijke militaire macht zal binden, of zeer ernstige gevolgen zal hebben in onze Zuid-Slavische gebieden.’ (20 januari 1913)
a. Welk land wordt bedoeld met ‘de monarchie’?
b. Waarom zou Servië altijd de kant van de vijand kiezen?
c. Waarom is het jaar 1908 belangrijk in dit verband?
[]
a. Oostenrijk-Hongarije (ook genaamd: de Donaumonarchie en de Dubbelmonarchie).
b. Als O-H verslagen zou worden, zou Servië de kans grijpen om grondgebied van O-H te annexeren, teneinde een Groot-Servië te vormen. (De Zuid-Slaven die binnen de grenzen van O-H leefden, zouden dus – inclusief hun steden, dorpen en ‘bodem’ – bij Servië gevoegd worden.)
c. O-H annexeerde Bosnië, een land waar Zuid-Slaven woonden; waar dus ook Servië wilde heersen.

5.
‘De eeuwige vrede is een droom – en niet eens een mooie droom,’ zei generaal Von Moltke. Het keizerrijk Duitsland en de andere Europese grootmachten waren zich rond 1900 al aan het wapenen voor een grote oorlog. Aangezien Duitsland (de sterkste grootmacht op het continent) rekening moest houden met een tweefrontenoorlog, en de toekomstige tegenstanders steeds sterker werden, adopteerde de Duitse generale staf het Von Schlieffen-plan.
a. Waarom moest Duitsland rekening houden met een westfront?
b. Waarom moest Duitsland rekening houden met een oostfront?
c. Voor de Centralen werd het in 1915 zelfs een driefrontenoorlog. Leg uit.
d. De Duitse keizer probeerde op 28 juli de oorlog tussen Oostenrijk en Servië te beperken tot de Balkan; hij wilde een Europese oorlog voorkomen, maar de Russen begonnen al op 29 juli met mobiliseren. Beredeneer waarom het star vasthouden aan het Von Schlieffen-plan door de Duitse legertop en de vrijwel onmiddellijke mobilisatie van Rusland diplomatiek overleg tussen de grootmachten onmogelijk maakte.
e. Eén facet van het Von Schlieffen-plan gaf de Britten een excuus om zich in de strijd te mengen, maar de echte oorzaak voor de deelname van Engeland heeft te maken met ‘England rules the waves’. (De hegemonie van Groot-Brittannië op zee.) Welke beslissing van keizer Wilhelm had de Britten tot potentiële tegenstanders gemaakt?
[]
a. Vanwege het Franse revanchisme: Frankrijk zou elke kans grijpen om Elzas-Lotharingen te heroveren.
b. Omdat Oostenrijk-Hongarije en Rusland hoogstwaarschijnlijk met elkaar in oorlog zouden raken (door het panslavisme en het Russische streven om de Dardanellen te beheersen), en aangezien O-H dé bondgenoot van Duitsland was, zou Duitsland ook de wapens moeten oppakken tegen Rusland.
c. Italië sloot zich aan bij de Entente.
d. Volgens het Von Schlieffenplan moest Frankrijk binnen zes weken verslagen worden, want dat was de berekende tijd die de Russische legerkorpsen nodig zouden hebben (vanaf het bevel tot mobilisatie) om in volle sterkte aan de Duitse grens te verschijnen. Pas nadat Frankrijk verslagen was, kon Duitsland zijn volledige troepenmacht inzetten tegen de Russen. Vanaf het Russische mobilisatiebevel moest (!) Duitsland dus Frankrijk aanvallen – elk uitstel bracht het oosten van Duitsland in gevaar.
e. De beslissing om een sterke vloot te bouwen (Flottenbau). De Britten vreesden dat de Duitsers sterker op zee zouden worden dan zijzelf.

6.
Bron 6: (Journalistiek tijdens de Eerste Wereldoorlog.)
1. Kölnische Zeitung (Keulen, Duitsland): ‘Toen de val van Antwerpen bekend geworden was, werden de kerkklokken geluid.’ (De kerkklokken werden in Duitsland geluid, zoals destijds overal de gewoonte was na een grote overwinning.)
2. Le Matin (Parijs): ‘Volgens de Kölnische Zeitung werden de priesters in Antwerpen gedwongen de kerkklokken te luiden nadat de vesting gevallen was.’
3. The Times (Londen): ‘Volgens wat Le Matin vernomen heeft uit Keulen, werden de Belgische priesters die weigerden de kerkklokken te luiden toen Antwerpen gevallen was, uit hun ambt gezet.’
4. Corriere della Sera (Rome): ‘Volgens berichten in The Times, afkomstig uit Keulen en Parijs, werden de ongelukkige priesters die weigerden de kerkklokken te luiden toen Antwerpen gevallen was, veroordeeld tot dwangarbeid.’
5. Le Matin (Parijs): ‘Volgens berichten in de Corriere della Sera, afkomstig uit Keulen, via Londen, kregen wij bevestiging van het feit dat de barbaarse veroveraars van Antwerpen de ongelukkige priesters die heldhaftig weigerden de kerkklokken te luiden, gestraft hebben door hen als levende klepels met het hoofd naar beneden in de klokken op te hangen.’
a. Tot op de dag van vandaag wordt in Nederlandse schoolboekjes geschreven dat het Duitse leger wreedheden begaan heeft in België, ook al weten historici al heel lang dat de verhalen over ‘barbaars optreden’ behoorden tot de boosaardige propaganda van de Entente. Geef twee (!) redenen voor die propaganda.
b. Wat is een ‘totale oorlog’?
c. Leg uit dat zulke propaganda (het afschilderen van de vijand als barbaars, wreed en duivels) ‘hoort’ bij een totale oorlog.
[]
a. 1. Het overtuigen van de eigen bevolking dat de overheid niet vanuit economische of machtspolitieke overwegingen besloten had tot oorlog, maar vanuit morele (!) gronden; dat zij ‘de goeden’ waren en dat de offers gebracht werden voor een rechtvaardige (!) zaak. 2. Het aanwakkeren van haat tegen de vijand, zodat de eigen soldaten gemotiveerder en fanatieker zouden vechten.
b. Een oorlog waarin de hele bevolking (het ‘thuisfront’) ingezet wordt om de eindoverwinning te behalen. (Industrie, vervoer, infrastructuur, opleidingen, fondsenwerving, …)
c. Zonder zulke propaganda zouden de gewone burgers niet bereid zijn om hun eigenbelang ondergeschikt te maken aan de oorlogsinspanningen.

7.
Feiten: 1. Amerika had Groot-Brittannië en Frankrijk enorme leningen verstrekt voor het bekostigen van de oorlog, en deze landen voorzien van veel militair materieel. 2. Duitsland kondigde de onbeperkte duikbotenoorlog af in reactie op de Britse maritieme blokkade van Duitsland. 3. In Rusland deed de tsaar, tijdens de Februarirevolutie, troonsafstand. 4. Het ‘passagiersschip’ Lusitania, met 128 Amerikaanse staatsburgers aan boord, werd door een Duitse onderzeeër getorpedeerd. 5. In het ruim van de Lusitania werd, in september 2008 (!), een grote hoeveelheid wapens en munitie aangetroffen, bedoeld voor de Britten; de Duitsers hadden dus toch gelijk gehad toen zij beweerden dat het schip ‘admiraliteitsgoederen’ (wapens, munitie, militair materieel) vervoerde.
Vul deze zinnen aan met de bovenstaande feiten: Duitsland vocht begin 1917 aan twee fronten, maar door [...] zou het Duitse leger misschien in volle sterkte aan het westfront kunnen verschijnen. Als Groot-Brittannië en Frankrijk de oorlog zouden verliezen, zou Amerika nooit [...] De Amerikaanse overheid wilde daarom met troepen (in totaal 4,4 miljoen man!) de Entente aan het westfront te hulp schieten, maar veel Amerikaanse burgers waren op de hand van de Duitsers en een meerderheid van de bevolking wilde überhaupt niet dat Amerika zich zou mengen in een Europese oorlog. (‘isolationisme’) Om de publieke opinie achter zich te krijgen, besloot de Amerikaanse regering tot [...]
[]
Volgorde: [de Februarirevolutie] … [de aan de Entente verstrekte leningen (met rente) terugkrijgen] … [het zenden van de Lusitania naar Engeland, volgeladen met admiraliteitsgoederen én met passagiers aan boord]

8.
a. Bij de Entente (ook wel – minder correct – de geallieerden genoemd) kwamen 49 miljoen man onder de wapenen; bij de Centralen 25 miljoen. De Entente-landen hadden circa 892 miljoen inwoners; de Centralen ongeveer 143 miljoen. Ook de economische kracht van de Entente was dus veel groter. Toen de Italianen bij Vittorio Veneto een beslissende overwinning op de troepen van Oostenrijk-Hongarije wisten te behalen (3 november 1918), kwam Duitsland bovendien praktisch alleen te staan.
a. Ondanks de getalsmatige overmacht van de vijanden wisten de Duitsers aan het oostfront te winnen en zich aan het westfront vier jaar lang te handhaven. Een Britse uitvinding maakte uiteindelijk ‘het verschil’. Denk aan hoe de strijd gevoerd werd aan het westfront, en verklaar hoe dat destijds nog primitieve gevaarte voor beweging in de frontlijn heeft kunnen zorgen.
b. Noem de vier belangrijkste landen van de Entente, eind 1915.
c. Noem de drie belangrijkste landen van de Centralen.
d. Noem vier landen (soevereine staten) die als een direct gevolg van WOI op de kaart van Europa verschenen.
[]
a. Achter de tanks, die fungeerden als rijdende schilden, konden de soldaten door het niemandsland heen komen zonder ten prooi te vallen aan het moordende spervuur van de mitrailleurs. Bovendien walsten de tanks met hun rupsbanden over de prikkeldraadversperringen heen.
b. Frankrijk, Groot-Brittannië, Rusland, Italië.
c. Duitsland, Oostenrijk-Hongarije, het Osmaanse Rijk.
d. Polen, Tsjecho-Slowakije, Joegoslavië, Finland, Estland, Letland, Litouwen.



9.
Op 11 november 1918 (de 11e van de 11e, om 11 uur ‘s ochtends) zwegen de kanonnen. Ook al stonden zijn troepen nog op Franse bodem, en had geen vijandelijke eenheid de Duitse grens weten te passeren, toch was de oorlog voor Duitsland uitzichtloos geworden, aangezien de verzamelde vijanden een gigantisch overwicht aan manschappen en materieel bezaten. Op de 11e staakte men de gevechtshandelingen; de wapenstilstand werd van kracht. Het ‘gekkengetal’ 11 verwees wellicht naar de waanzin van deze oorlog, maar de dwaasheid was nog niet voorbij. In Versailles werd het vuurtje gestookt dat de wereld opnieuw in brand zou zetten.
a. Het vredesverdrag werd getekend in de Spiegelzaal van het paleis van Versailles. Waarom juist daar?
b. Geef zes bepalingen uit het verdrag (‘dictaat’) van Versailles.
c. Wat hield de Dolkstootlegende in?
[]
a. Daar waren de Duitse vorsten bijeengekomen, na de overwinning op Frankrijk in 1871, om het keizerrijk Duitsland uit te roepen. Voor de Fransen betekende dat een vernedering; deze wilden ze in 1918 ‘uitwissen’.
b. 1. Duitsland moest grote gebiedsdelen afstaan, onder andere: Elzas-Lotharingen aan Frankrijk; het gebied van de Poolse Corridor aan Polen; Noord-Sleeswijk aan Denemarken; een deel van Opper-Silezië aan Tsjecho-Slowakije. 2. De koloniën werden ingepikt door Groot-Brittannië, Frankrijk, België, Zuid-Afrika, Japan, Australië en Nieuw-Zeeland. 3. Duitsland werd vrijwel volledig ontwapend. Dit maakte de voormalige grootmacht praktisch weerloos tegenover vijandig gezinde omringende landen. In grensgebieden en langs de kust mochten geen versterkingen gebouwd worden. Duitse troepen mochten niet gelegerd zijn in het Rijnland. 4. In het beruchte artikel 231 van deel VIII werden Duitsland en zijn bondgenoten aangewezen als schuldigen voor het uitbreken van de wereldoorlog. Alleen zij. Zelfs in kringen van de Entente was dit bespottelijke artikel fel omstreden. 5. Oostenrijk mocht zich niet bij Duitsland voegen. 6. Alle koopvaardijschepen en een vijfde van de vissersvloot, alsmede locomotieven, machines, delfstoffen enzovoort moesten als herstelbetalingen in natura aan de overwinnaars gegeven worden. 6. Duitsland werd verplicht tot het betalen van fabelachtig hoge herstelbetalingen. Het totaalbedrag werd allengs in verschillende conferenties en regelingen aangepast, maar de verplichtingen bleven een bron van vernedering voor de Duitsers. In 1921 werden Duisburg en Düsseldorf door Entente-troepen bezet, in 1923 werd het Ruhrgebied door de Fransen en Belgen bezet.
c. De Duitse soldaten waren niet op het slagveld verslagen: zij hadden de strijd moeten opgeven doordat in Duitsland een revolutie gepleegd was door de socialisten en communisten, waarbij de keizer was afgezet. Door de omwenteling in hun eigen land werden de Duitse troepen die in Frankrijk vochten, onvoldoende bevoorraad met wapens, munitie, materieel… (In werkelijkheid was de oorlog voor Duitsland uitzichtloos geworden door de getalsmatige overmacht van de vijanden en door de blokkade. Vandaar ‘legende’.) Zie: Dolchstoß

10.
Een van de vele bepalingen uit het verdrag van Versailles luidde: [...] erkent Duitsland definitief de opheffing van de verdragen van Brest-Litovsk, evenals alle andere regelingen en overeenkomsten die het met de huidige regering in Rusland gesloten heeft. (Deze bepaling mag je uiteraard niet gebruiken voor vraag 6b.)
a. Hoe kwam het dat Duitsland een afzonderlijke vrede (geregeld in het verdrag van Brest-Litovsk) met Rusland had kunnen sluiten, terwijl dat land tot de Entente behoorde?
b. Waarom was het voor Frankrijk en Engeland zo belangrijk dat het verdrag met die ‘huidige regering’ tenietgedaan werd?
[]
a. Rusland had door de Oktoberrevolutie een nieuwe regering gekregen; deze regering – geleid door Lenin – sloot vrede met de Centralen.
b. Beide (kapitalistische) landen erkenden de nieuwe regering van Rusland niet; zij stonden vijandig tegenover het communisme.

11.
Geen van de betrokken landen kan met recht als dé schuldige aangewezen worden voor het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. Eigenlijk dragen alle grootmachten ‘van het eerste uur’ (1914) een beetje schuld. Maar ja, na geen enkele oorlog zullen de overwinnaars zich voor een tribunaal laten slepen of aan de schandpaal laten nagelen. Meestal wordt de geschiedenis door hen herschreven. De keizer van Duitsland, de koning van Groot-Brittannië en de tsaar van Rusland waren volle neven van elkaar: alle drie kleinzoons van de Engelse koningin Victoria. Het ‘knokpartijtje’ dat deze vorsten voor ogen stond, ontaardde in een gruwelijke, zich voortslepende oorlog.
a. Welke twee verwijten kon men Rusland maken?
b. Wat kon men Oostenrijk-Hongarije verwijten?
c. Wat kon men Groot-Brittannië verwijten?
[]
a. Rusland streefde naar uitbreiding van zijn invloed en macht op de Balkan, teneinde zich van een vrije toegang tot de Middellandse Zee te verzekeren (de Bosporus en de Dardanellen); Rusland steunde zijn ‘Slavische broertje’ Servië in het panslavisme, gericht tegen Oostenrijk-Hongarije.
b. Oostenrijk-Hongarije (een stagnerende grootmacht) zocht gebiedsuitbreiding op de Balkan, teneinde op gelijke hoogte te kunnen blijven met de andere grootmachten. O-H annexeerde Bosnië en stelde – na de moord op Frans Ferdinand – bewust een ‘onmogelijk ultimatum’ aan Servië; het doel (!) was een militaire confrontatie met Servië.
c. Engeland vreesde zijn hegemonie op de wereldzeeën te verliezen aan Duitsland, en sloot daarom een voor onwaarschijnlijk gehouden bondgenootschap met Frankrijk. Deze wending zorgde ervoor dat Frankrijk en Rusland een machtsstrijd met Duitsland aandurfden.

12. wereldkaart
De Duitsers hadden steevast gerekend op een bondgenootschap met Groot-Brittannië. (‘England muss und werd uns kommen.’) Dat was logisch, omdat 1. Duitsland en Engeland warme betrekkingen onderhielden, en 2. de Britten al langere tijd op gespannen voet stonden met de Fransen en de Russen.
a. Verklaar de gespannen verhouding tussen Engeland en Frankrijk. (Denk aan ‘het kruis over Afrika’.)
b. Verklaar de sluimerende vijandigheid tussen Engeland en Rusland. (Denk aan ‘warme havens’, het Suez-kanaal, Brits-Indië.)
[]
a. Beide landen wilden hun koloniale bezittingen in Afrika uitbreiden; daarbij lieten zij hun ogen vallen op dezelfde gebieden.
b. In het streven naar ijsvrije havens stuitte Rusland op Britse belangen. Groot-Brittannië was reeds eerder ten strijde getrokken om te voorkomen dat Rusland in het bezit zou komen van de Dardanellen (de Krimoorlog, 1853-56). Nadat het Suezkanaal voltooid was (1869) was het nóg belangrijker geworden voor de Britten dat de Russische vloot ‘achter de Dardanellen’ gehouden kon worden. Het Suezkanaal was immers de ‘levensader’ van het Britse Rijk; die vaarweg mocht niet door de Russen bedreigd worden. De Russen wilden ook een haven aan de Indische Oceaan, maar daar lag Brits-Indië in de weg.

13.
Gigantische aantallen gesneuvelde, verminkte en getraumatiseerde militairen; totaal ontwrichte economieën; werkloosheid, armoede, inflatie… Het spreekt vanzelf dat de verliezers én de overwinnaars uiterst ongelukkig waren met de uitkomst van de Eerste Wereldoorlog.
a. Veel Europeanen waren ook in de ban van angst. Angst waarvoor?
b. Overwinnaar Italië had nóg een reden om ontevreden te zijn. Welke?
[]
a. Voor een revolutie van de goddeloze (!) communisten.
b. Engeland had Italië gebiedsuitbreiding beloofd, ten koste van Oostenrijk-Hongarije, als Italië de kant zou kiezen van de Entente. Die belofte was slechts ten dele nagekomen, terwijl nota bene Italië een belangrijke bijdrage had geleverd aan de eindzege. (Vittorio Veneto)

14.
Via de Duitse loopgraven zijn de kerstman, de kerstboom, het ‘O Tannenbaum’ (‘O denneboom’) en het ‘Stille Nacht, heilige Nacht’ naar het westen gekomen: zinnebeelden of allegorieën voor vrede en beschaving. Maar de loopgraven zelf zijn symbolisch geworden voor de uitwassen van de moderne oorlog. De soldaat in dit ‘spotprentje’ draagt een primitief gasmasker. Wat vindt de tekenaar – denkend aan Darwin – van deze oorlog?
[]
Dat de mensen afgedaald zijn – op de ladder van de evolutie – naar het primitieve niveau van onze voorouders: de apen.

15.
Toeristen deinzen bleek van schrik terug, nadat zij gekeken hebben door de kijkglaasjes van de Ossuaire. In betonnen ruimten liggen daar de schedels met holle ogen, en bergen knekels. Het is een gebouw dat eer moet bewijzen aan meer dan 700.000 doden. Hier concentreerde zich alle heldenmoed die beide kampen konden opbrengen. Er gapen reusachtige spelonken in de fortificaties, veroorzaakt door het zware geschut dat in de strijd werd geworpen. Alleen al op de ‘doodskist’ fort Douaumont zijn 80.000 granaten afgevuurd.
a. De Duitsers spraken van ‘die Knochenmühle’ (de bottenmolen/vergruizer). Welke slachting (de meest verschrikkelijke, helse slag uit de oorlog) bedoelden zij? Noem de stad én het jaar.
b. ‘Falkenhayns Soldaten siegen sich zum Tode.’ (Falkenhayns soldaten zegevieren zich de dood in.) Leg uit wat de Duitse opperbevelhebber Falkenhayn op ‘uitgerekend’ die plek beoogde met de zware artilleriebarrages en niet aflatende aanvallen.
[]
a. Verdun, 1916.
b. Verdun was strategisch nauwelijks van belang, maar de stad heeft een belangrijke rol gespeeld in het ontstaan van Frankrijk. Falkenhayn wist dat de Fransen deze stad – vanuit prestige – tot de laatste man zouden verdedigen, dus voortdurend nieuwe troepen zouden aanvoeren. Hij wilde het Franse leger laten ‘doodbloeden’.